Het begrip "Garderegiment"

Arnhem 1948, de "verheffing" tot Garderegiment wordt bekend gemaakt.

Het in het voorjaar van 1946 opgerichte Regiment Prinses Irene, wordt op 1 juni 1948 door de toenmalige Koningin Wilhelmina benoemd tot Garderegiment. Dezelfde eer valt overigens ook te beurt aan de Regimenten Grenadiers en Jagers. Deze laatste regimenten werden altijd al als "Garde" beschouwd, maar tot dan is het nooit geformaliseerd. Nederland kent tot 1948 officieel geen garderegimenten. Indeling bij een garderegiment betekent van oudsher "onder het oog van de vorst dienen". In bijvoorbeeld Frankrijk en Engeland waren het altijd al elite-eenheden die een bijzondere band met de koning of keizer hadden en optraden als een soort lijfwacht.

In Nederland betekent het predikaat "Garde" dat de parate militairen, naast hun organieke taken zoals de deelname aan vredesoperaties, vaker dan militairen die behoren tot niet-garde eenheden belast zijn met de uitvoering van ceremoniële diensten. Het gaat daarbij zowel om incidentele als vaste plechtigheden. Bij de incidentele diensten wordt bij toerbeurt een eenheid "aangewezen", die - meestal in samenwerking met een muziekkorps - voor de militaire bijdrage aan de plechtigheid zorgt. Het betreft hier bijvoorbeeld het aanbieden van hun "geloofsbrieven" door ambassadeurs aan de Koning(in) en bezoeken aan Nederland door buitenlandse staatshoofden. Een vaste plechtigheid is Prinsjesdag, waaraan in beginsel altijd dezelfde eenheden deelnemen.

 

3 militairen. 

Start Omhoog