Eind 1996 wordt IFOR afgelost door de SFOR-vredesmacht (SFOR staat voor
Stabilisation Force), die eveneens wordt geleid door de NAVO. Ook aan SFOR nemen
een groot aantal Fuseliers deel. Zo maakt de Acie van 17 Painfbat GFPI deel uit
van het eerste SFOR-bataljon, dat onder leiding staat van de staf van 101 Tkbat.
De periode van uitzending is lastig voor de compagnie. Vrijwel het gehele
bataljon is op dat moment uitgezonden als IFOR-2. Er komen dus nog extra veel
(ceremoniële) taken bij de dagelijkse werkzaamheden. De contacten met de mannen
van de cavalerie verlopen gelukkig erg goed. Toch is het wel even wennen voor de
"tankers" als de infanteristen op de sportdag van het bataljon heel overtuigend
winnen. Als ze zich dan nog eens bij de prijsuitreiking luidkeels zeventien keer
opdrukken, is de verwarring compleet!
December 1996 vertrekt Majoor Jos Geelen met zijn compagnie als onderdeel van
101 Tankbataljon en SFOR-1 naar Bosnië. Als C-team komt de compagnie terecht in
Knezevo. Het eerste peloton van Acie en een sectie van het tweede peloton dienen
als onderdeel van A-team en opereren vanuit Novi Travnik.
De uitzending verloopt relatief rustig. Enige schermutselingen vinden plaats
bij de tellingen van de vele opslagplaatsen. Er wordt zeer veel gepatrouilleerd,
met name met de YPR. Deze patrouilles leveren heel veel informatie op, zeker
door de adequate voorbereiding en intensieve begeleiding.
Een uitzending is nooit zonder gevaren. Twee militairen van het bataljon en
afkomstig van 41 Brigadepantsergeniecompagnie komen door een ongeval om het
leven.
In juni 1997 keren alle "Tijgers" van de Acie gezond en wel weer terug in
Nederland, terugkijkend op een geslaagde uitzending.